You shall not harm!

Waarom sociale uitsluiting onvergeeflijk (immoreel) is.

Iedere tijd krijgt de morele waarde die het verdient. Dat is een mooie gedachte omdat ze de mogelijkheid op verandering en dus ook morele vooruitgang in zich draagt. Een waarde wordt getest in een concrete context door een feedbackproces dat iets zegt over de waarde van de waarde. Het is het effect van de waarde die bepaalt of de waarde een goede waarde is. Stel dat zichtbaar wordt dat de waarde een negatief effect heeft wordt de waarde verwezen naar de morele schroothoop. Iedereen kan deze redenering volgen.

Vanuit deze optiek zijn het boeiende tijden. De wetenschappelijke technologie evolueert zo snel dat we met een steeds groter wordende snelheid stuiten op nieuwe fenomenen die ons moreel denken en doen onder hoogspanning plaatsen. Brainscans behoren tot de relatief nieuwerwetse wetenschappelijke technieken die letterlijk zichtbaar maken wat het neurologisch effect is van bepaalde acties. Naomi Eisenberger van de UCLA zette een slim en bijzonder boeiend experiment op dat de effecten van sociale uitsluiting onderzocht door mensen te onderwerpen aan subtiele vormen van sociale uitsluiting en hun hersenactiviteit gelijktijdig zichtbaar te maken. Het experiment heette “Cyberball”. De proefpersonen participeerden in een zeer eenvoudig computerspel dat ze in een FMRI speelden. Het computerscherm liet enkel drie stippen zien. De proefpersoon bediende één van deze drie stippen en de andere twee stippen werden gestuurd door de computer en niet (!) door andere mensen. Maar, en dat is cruciaal, de proefpersoon werd in de waan gelaten en dacht dat deze twee stippen wél door twee mensen werden bestuurd die hij of zij niet zag. De proefpersonen kregen de opdracht om de bal van speler naar speler te spelen. Deze situatie werd een tijdje aangehouden, maar na enige tijd werd de sociale hel ontketend. De computer nam het spel over en simuleerde dat de twee overige spelers de bal onderling doorspeelden. De proefpersoon werd door de twee virtuele k********* uitgesloten. De fMRI lichtte een reeks hersengebieden op. Het periaqueductale grijs, de anterieure cingulaire cortex, de amygdala en de insulaire cortex werden geactiveerd op het moment dat de virtuele uitsluiting zich voltrok. Deze gebieden worden betrokken bij de pijnervaring, woede, verdriet en walging. Met andere woorden, de proefpersonen uit deze experimentele groep vertoonden tekenen van lijden. Het onderzoek had ook een controlegroep die werd onderworpen aan dezelfde experimentele situatie. Met andere woorden, ze werden ook virtueel uitgesloten, maar kregen te horen dat de computer defect was. De proefpersonen uit de controlegroep werden uitgesloten omwille van technische redenen en niet omwille van sociale redenen. Op geen enkele manier gaven de hersengebieden die geactiveerd werden bij de experimentele groep een teken van leven. Gepercipieerde sociale uitsluiting en gepercipieerde uitsluiting omwille van technische redenen leverden verschillende resultaten op. Bij volwassen proefpersonen uit de experimentele groep werd iets later de ventrolaterale prefrontale cortex (vlPFC) geactiveerd. Hoe meer de vlPFC werd geactiveerd hoe sterker dat de cingulaire cortex en de insula het zwijgen werden opgelegd. Waarom ben ik overstuur? Wat is de context? De proefpersonen bouwden perspectief in, rationaliseerden en controleerden op die manier hun emoties. Volwassenen kunnen hun emotioneel lijden beperken.

Tieners tappen uit een geheel ander vaatje. Bij een minderheid van de experimentele groep werd ook de vlPFC geactiveerd waardoor ze met rationalisatie hun sociaal lijden wisten te reduceren. Dit waren tieners met een breed sociaal netwerk. Maar bij de meerderheid van de tieners bleef de vlPFC stilzwijgend en de andere hersengebieden werden meer (!) dan bij volwassenen geactiveerd. Een potje Cyberball deed hen zich slecht (sic) voelen. Sociale uitsluiting kwetst tieners significant meer dan volwassenen. Al weten volwassen ook dat sociale uitsluiting hard te verduren is. De les is dat tieners met weinig vrienden bijzonder vatbaar zijn voor de pijnlijke gevolgen van sociale uitsluiting. Zowel voor volwassenen als tieners wordt duidelijk waarom het moeilijk is om met je mening tegen de mening van een groep in te gaan. Men is bang voor sociale uitsluiting.

We keren terug naar het begin van dit blog-artikel. Welke waarde moeten we voorop stellen als we het Cyberball-experiment gebruiken als feedback? You shall not harm! Dat lijkt een evidentie te zijn. Maar wat betekent kwaad doen in dit geval? Fysiek kwaad doen? Onze samenleving heeft in belangrijke mate afstand genomen van fysiek geweld. Fysiek geweld is geen pro-sociaal gedrag meer. Ruim vijftig jaar terug werd minzaam gelachen als jongens vechtend over de plavuizen van de speelplaats rolden. ‘Dat maakt hen hard meneer.’ Vandaag wordt dat niet meer getolereerd. Maar wat met subtiele en minder subtiele vormen van sociale uitsluiting? Wat met een partner die de andere partner negeert en uitsluit? Wat met de collega of het kind dat openlijk niet wordt uitgenodigd voor een feestje? Wat met het kind dat eenzaam in de hoek van de speelplaats staat? Wat met defrienden op Facebook? Wat met buren die systematisch zich afkeren van die andere buur als deze op straat voorbij struint? En dan hebben we het nog niet over pestgedrag. Wat met al die volwassenen, kinderen en tieners die dagdagelijks moeten omgaan met pestgedrag? You shall not harm! Goed wetende dat sociale uitsluiting én sociaal geweld (pesten) het pijncentrum activeren. Uitsluiten staat gelijk aan fysieke pijn veroorzaken. Hebben we het recht om het pijncentrum van een medemens te activeren? Neen, althans dat is mijn oordeel. Ik ben er zeker van dat de meeste lezers van dit blog-artikel het met mij eens zullen zijn en ook duidelijk “neen” zullen zeggen. Dat is de kiem van een nieuwe waarde. Maar een nieuwe waarde draagt ook een nieuwe verantwoordelijkheid in zich. Als we de tering naar de nering zetten kunnen we het ons niet meer veroorloven om die ene buur met de nek aan te kijken. Kunnen we het niet tolereren dat die ene collega naast de sociale prijzen valt. En kunnen we zeker niet tolereren dat tieners worden uitgesloten omdat zij, omwille van hun nog niet voldoende ontwikkelde vlPFC, niet in staat zijn om sociaal te rationaliseren. Het is niet verwonderlijk dat sociale uitsluiting, zelfs op sociale media, bij tieners kan leiden tot zelfmoord.

Waarden evolueren op basis van feedback en deze wetenschappelijke feedback rolt als een hoge wetenschappelijke golf over ons heen. Iedere twintig jaar verdubbelt onze wetenschappelijke kennis. En die snelheid zal enkel maar toenemen. De neurowetenschappen doen een aardige duit in het zakje omdat we alsmaar beter begrijpen hoe brein en wereld met elkaar interageren. Onvermijdelijk zullen onze waarden met een even grote snelheid mee moeten evolueren. Als we de bekende neurowetenschapper V. Ramachandran mogen geloven is deze tijd de meest boeiende tijd ooit.

What a unique privilege it will be for a generation – and our children’s – to witness the greatest revolution in our history of the human race: understanding ourselves!”

[and behaving ourselves – eigen woorden].

By | 2018-02-12T23:01:10+00:00 februari 12th, 2018|Blog, Nieuws|Reacties uitgeschakeld voor You shall not harm!